Arm in een rijk land

0
3389

Opgroeien in de marge

Hoewel veel politici beweren dat armoede in Nederland niet bestaat, Nederland is een van de rijkste landen ter wereld, worden steeds meer kinderen en jongeren geconfronteerd met armoede. In ons land leven 430.000 kinderen en jongeren onder de armoedegrens. Dat is een op de zeven kinderen, ongeveer vier in elke klas. Leven onder de armoedegrens houdt in dat je moet rondkomen van een bedrag dat ligt onder het minimuminkomen dat de regering heeft vastgesteld.  (bron: Erwtensoep in augustus).

We kennen allemaal de radiocommercials van een bekend automerk. Onder het motto: ‘Raak niet in een depressie van de recessie’, laten ze mensen ‘aan het woord’ die ‘arm’ zijn. Zoals de vrouw die vertelt dat ze voor de derde verjaardag van haar dochter de pop inpakt die ze kort daarvoor van Sinterklaas heeft gekregen. Of het jongetje dat naar de slagers in de buurt wordt gestuurd voor plakjes worst zodat ze beleg hebben voor op de boterham. Het klinkt ‘grappig’ maar er zijn echt mensen die onder erbarmelijke omstandigheden moeten leven. En dat in onze rijke verzorgingsstaat. Volgens de werkgroep Arme kant van Nederland/EVA, heeft armoede verschillende gezichten. ‘In elk tijdperk en in elk land ziet armoede er anders uit. Armoede betekent in Nederland vooral dat mensen niet volwaardig kunnen meedraaien in de maatschappij. Er is geen geld om goed en gezond te kunnen eten, om er netjes bij te lopen of af en toe iets leuks te doen.’

Feit
Even wat feiten op een rij. Honderdzestigduizend huishoudens hebben geen geld voor telefoon of verwarming. Ruim drieënveertigduizend huishoudens kunnen niet elke dag een warme maaltijd op tafel zetten. In zeker tweeëntwintigduizend huishoudens is er te weinig eten. Hen lukt het niet om elke dag drie maaltijden op tafel te zetten. Tussen de 5 en 10% van de Nederlandse huishoudens wordt als arm beschouwd, een cijfer dat de afgelopen 10 jaar verdubbeld is.

Toegegeven, armoede in Nederland is niet te vergelijken met armoede in de Derde Wereld. Niemand in Nederland hoeft echt om te komen van de honger, maar het betekent wel dat je steeds moet kiezen en bepalen wat je kunt en wat je moet laten. Dat niets vanzelfsprekend is.
Armoede gaat verder dan financiële armoede. Zoals de werkgroep Arme kant van Nederland ook stelt: ‘Armoede beïnvloedt essentiële zaken als gezondheid, sociale contacten en de opvoeding en ontwikkeling van kinderen. Een goede gezondheid en een goed functionerend sociaal netwerk is voor een deel met geld te kopen.’

Beleidsmatige definitie van armoede
Beleidsmakers en onderzoekers kijken naar het sociaal minimum en nemen de bijstandsnorm als uitgangspunt. Als je 105% van het minimum binnenkrijgt of minder, dan ben je arm volgens de beleidsmatige definitie. Het percentage huishoudens onder de armoedegrens hangt vaak samen met het economisch tij. De afgelopen jaren zijn de verschillen tussen arm en rijk toegenomen en is de armoede gegroeid: bijna zevenhonderdduizend huishoudens moeten rondkomen van een inkomen op of rond het minimum, maar liefst vierhonderddertigduizend kinderen groeien op in armoede. Een derde van de gezinnen met een laag inkomen heeft schulden. De uitkeringen zijn bevroren en de huren verhoogd. Tegelijkertijd worden mensen geconfronteerd met een lagere huurtoeslag, de zorgverzekering wordt steeds meer uitgekleed en er wordt stevig bezuinigd op de bijzondere bijstand. Deze maatregelen hebben ervoor gezorgd dat de mensen op of rond het minimum keer op keer moeten inleveren.

In 2002 vonden er 5310 huisuitzettingen plaats ten gevolge van huurachterstanden. In 2003 waren dat er 7166 en in 2004 was het aantal gestegen tot 8400. Het aantal huishoudens met problematische schulden wordt geschat op meer dan 200.000. Het aantal dak- en thuislozen en het aantal mensen dat aangeduid wordt als ‘verkommerden en verloederden’ neemt toe. Er komen steeds meer mensen in onze samenleving die sociaal uitgesloten worden. (bron: Manifest, Sociale Alliantie).
Saillant detail: het aantal miljonairs in Nederland is sterk gegroeid naar meer dan honderdduizend.

Werkende armen
Bij armoede gaat het echt niet alleen om uitkeringsgerechtigden. Het is schrijnend te weten dat de armoede ook zichtbaar is onder een steeds grotere groep werkende armen. Vrouwen en dan met name alleenstaande moeders met minderjarige kinderen, zijn vaker armer dan mannen. Ruim een derde van de vrouwen met een eenoudergezin zit volgens de Armoedemonitor onder de lage inkomensgrens. Dit heeft te maken met het feit dat vrouwen minder vaak economisch zelfstandig zijn dan mannen. Slechts twee op de vijf vrouwen in ons land is economisch zelfstandig. Het meest kwetsbaar voor armoede zijn daarnaast mensen met een bijstandsuitkering en niet-westerse allochtonen.
Nederland telt 175.000 werkende armen in een baan van ten minste 24 uur per week. Saillant detail: zes op de tien werkende armen is aan de slag als zelfstandig ondernemer. De meeste werkende armen kunnen ook moeilijk hun inkomenspositie verbeteren door meer te gaan werken, want 138.000 hebben al een volledige baan.

Handige rekensom
Armoedecijfers verschillen met de gekozen definitie. Door het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) is onlangs een nieuwe methode gelanceerd om armoede te meten. Volgens het SCP is armoede het niet kunnen voorzien in de basisbehoeften, zoals wonen, voedsel en kleding. Dus: welk inkomen moet iemand minimaal hebben om rond te kunnen komen. Deze definitie levert de laagste armoedecijfers op. Volgens de SCP ligt de armoedegrens ver beneden de grens die nu gehanteerd wordt. Dit is overigens bedacht boven de hoofden van de armen zelf, hen is niets gevraagd. Als je mensen vraagt of ze zelf vinden dat hun inkomen voldoende is om rond te komen, krijg je heel andere cijfers. En het feit dat voedselbanken de laatste jaren als paddenstoelen uit de grond schieten, lijkt deze inzichten te staven.  Toch zijn  volgens de nieuwe SCP definitie niet langer 10% van de huishoudens in Nederland arm, maar slechts 3,6% of hooguit 6,4%.  Eureka, armoedeprobleem voor een groot deel opgelost! In werkelijkheid kunnen de armen niet rondkomen van het sociaal minimum dat ver boven de nieuwe armoedegrens ligt. Er is immers niets veranderd, alleen wat gegoocheld met cijfers.

Kinderen en armoede
Wat betekent het voor kinderen en jongeren om arm te zijn? Als je opgroeit in armoede heb je minder kansen op een goede toekomst. Kinderen kunnen niet meedoen met alledaagse dingen waar je, als je voldoende geld hebt vaak niet eens bij stil staat. Je neemt je kinderen mee op vakantie, ze krijgen mooie cadeaus ‘van’ Sinterklaas, gaan naar een feestje of naar de film of zijn lid van een sportvereniging. Maar voor sommige mensen zijn die zaken helemaal niet vanzelfsprekend. Ze gaan met honger naar bed, hun kinderen lopen rond in tweedehands kleren en vaak kan in de winter niet eens de verwarming aan. Hoe beleven kinderen hun armoede. Schamen zij zich ervoor? Kees Opmeer tekende indringende verhalen op van kinderen in armoede: Erwtensoep in Augustus.

De maag van Michel rammelt zo luid dat zijn moeder het hoort. ‘We hebben alleen nog brood voor morgenochtend’, zegt ze. ‘Water drinken helpt ook’, antwoordt Michel.

Van een ander kind noteert Opmeer:

Bennie wilde zijn lange broek niet uittrekken voor de gymles. Op het laatst werd de meester zo boos dat hij zelf Bennies broek naar beneden trok. Bennie begon te huilen. Hij had geen onderbroek aan. Hij had er maar twee en die zaten allebei in de was.

Modern beleid
Als samenleving en overheid zou je je verantwoordelijkheid moeten nemen en zorgen dat alle kinderen en jongeren de zelfde kansen krijgen, ongeachte hun financiële situatie.
Het moderne beleid is echter gestoeld op deregulering en privatisering. Dat geldt ook voor de sociale zekerheid. Vanaf de jaren tachtig van de vorige eeuw heeft de overheid alleen maar ingegrepen in de hoogte en de duur van de uitkeringen.  Daar komt nog de doelstelling van volumebeperking en de toenemende privatisering van de sociale zekerheid bij en zo is het niet eens zo raar dat in ons rijke Nederland (te) veel mensen wonen die de eindjes nauwelijks aan elkaar kunnen knopen.

Sociaal kapitaal
Wat we ons misschien niet altijd realiseren is dat veel armen wel degelijk hard werken. Ze zorgen. Ze werken aan de opbouw en uitbouw van hun sociaal kapitaal en dat is minstens zo belangrijk. Niet alleen voor de betrokken mensen maar ook voor de sociale samenhang in de samenleving.  Er zou meer aandacht moeten zijn voor vrijwilligerswerk, mensen die mantelzorg (moeten) verrichten of kinderen (moeten) verzorgen. Misschien dat het werk is dat volgens ‘onze’ maatstaven op het eerste gezicht economisch niets ‘opbrengt’. Maar dat is een verkeerde gedachtegang. Wat we vergeten is dat dit soort werk (lees zorg) door een hoog sociaal rendement wel degelijk lonend is voor de samenleving.  Zonder mantelzorgers zouden de (zorg)kosten bijvoorbeeld veel hoger zijn. Zou het niet mooi zijn dat bijdragen aan sociaal kapitaal wordt beloond en mensen uit armoede helpt. Misschien dat we ooit zullen inzien dat sociaal kapitaal van kapitaal belang is.

Streamers:
1.    Armoede beïnvloedt essentiële zaken als gezondheid, sociale contacten en de opvoeding en ontwikkeling van kinderen.
2.    Als samenleving en overheid zou je je verantwoordelijkheid moeten nemen en zorgen dat alle kinderen en jongeren de zelfde kansen krijgen, ongeachte hun financiële situatie.
3.    Misschien dat we ooit zullen inzien dat sociaal kapitaal van kapitaal belang is.

©Mariël van den Donk
(Gepubliceerd in FNV Vrouw Magazine, 2009)

DELEN
Vorig artikel‘Het contact met de GGD is goed en intensief’
Volgend artikelBienvenido de Cuba

Joost verbindt in zijn profiel de vier O’s
– Ondernemer
– Onderwijs
– Onderzoek
– Overheid

Ervaring:
Joost heeft veel ervaring in publiek-private setting. Hij verbindt innovatie en onderzoek in bedrijven met vernieuwing in onderwijs en opleiding. Zijn belangstelling gaat uit naar twee onderwerpen: ‘Organizational alignment’, werkt een organisatie van visie tot uitvoering aan dezelfde resultaten. Het tweede onderwerp is hier nauw aan verbonden: ‘performance management’ krijgen mensen de ruimte om het beste uit zichzelf te halen voor de organisatie en de klant.

Doel:
Alles leren en weten wat er te leren en te weten is over besturing van organisaties.

Persoonlijkheid:
Joost is resultaatgericht, een professionele doener, hij gaat voor resultaten en een goed rendement. Door zijn focus op de behoefte van de klant verbindt hij zich met alle stakeholders om te komen tot de beste win-win. Joost doet zijn werk met gevoel voor humor en ruimte voor ontspanning en werkplezier.

Specialiteiten:
– Helicopter view
– Visie/missie, onderzoek naar bestaansrecht en levensvatbaarheid.
– Strategievorming en planning met als doel organizational alignment.
– Performance management, het gebruik van kennismanagement en HRM in werkprocessen.
– Organisatieverandering, door innovatie nieuwe technologie naar binnen halen.
– Systematisch, creatief en flexibel te werk gaan

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here